De opleiding
 De opbouw van het onderwijs
 Werken of doorstuderen?
 Promotie-video


De Opleiding
Deze website gaat voornamelijk over de Verloskunde Academie Rotterdam (voorheen de Rotterdamse opleiding tot verloskundige (SROV)).
Per 1 september 2008 is de Verloskunde Academie Rotterdam onderdeel van de Hogeschool Rotterdam en vormt een samenwerkingsverband met het Erasmus Medisch Centrum.
Je kunt de opleiding ook volgen in Amsterdam, Groningen en Maastricht.

De inrichting van het onderwijs
De opleiding is een voltijdopleiding en duurt vier jaar. In Nederland is geen deeltijdopleiding in deze richting. We zijn een hbo+ opleiding. Als zelfstandig medisch beroepsbeoefenaar moet je, ook in kritieke situaties, beslissingen kunnen nemen die (wetenschappelijk) onderbouwd zijn. Daarom is het belangrijk dat je inzicht verwerft in de theorieën en onderzoeken die ten grondslag liggen aan die beslissingen. Competentiegericht leren staat centraal bij de VAR. De 'Beroepscompetenties verloskundige volgens de VAR' zijn het uitgangspunt voor de inrichting van het onderwijs. Thema's uit het beroep staan centraal. Wij vinden het heel belangrijk dat je als student zélf verantwoordelijk bent voor het leren. Jij wordt de regisseur van je eigen leerproces. De opleiding ondersteunt en coacht je daarbij.

Gedeelde sturing
In de beroepsoriënterende fase, het eerste studiejaar, doen we dat met behulp van 'gedeelde sturing'. De docenten geven de opdrachten. Jij voert die zelfstandig en op jouw eigen wijze uit. Docenten en medestudenten geven feedback over wát je doet en over de wijze waaróp je dit doet. Zo krijg je inzicht in je leerstijl en oefen je jezelf in het organiseren van jouw leerproces.
In het binnenschoolse onderwijs starten we daarom met PGO, maar in het eerste jaar is er ook al projectonderwijs. Ook bij het leren van de verschillende vaardigheden oefen je na de instructie in groepen zelfstandig.

Losse sturing
In de loop van je studie neem je de regie over je leerproces in eigen handen. We spreken dan van 'losse sturing'. Jij bepaalt wat je nodig hebt om de beroepscompetenties te behalen en formuleert je eigen leerdoelen. Jij vraagt daarbij ondersteuning aan de docenten, maar ook stagebegeleiders en medestudenten spelen hier een grote rol.

Leren in de praktijk
Dit is een essentieel onderdeel van de opleiding. Je loopt stage in praktijken van vrijgevestigde verloskundigen in het hele land en in ziekenhuizen (ook buiten Rotterdam). Vijftig procent van de opleiding vindt in de praktijk plaats. In de stage werk je met het 'openstagemodel'. Dat betekent dat je zélf je leerdoelen formuleert, vanuit de opleiding krijg je weinig tot geen gerichte opdrachten mee. Jij weet zelf het beste wat je in de praktijk wilt oefenen. In de stage is er dus vanaf het eerste studiejaar sprake van losse sturing.

Toetsing
Om aan te tonen dat je bepaalde competenties of delen ervan behaald hebt, houd je een portfolio bij. Daarin verzamel je bewijzen die dat kunnen laten zien, zoals een artikel of betoog, een feedbackformulier van een medestudent of een evaluatieverslag van een stage. In de proeve van Bekwaamheid aan het eind van het studiejaar toon je met behulp van deze zelfgekozen bewijzen en een toelichting in een gesprek aan dat je het gevraagde niveau behaald hebt.